Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
VersiegeschiedenisVersiegeschiedenis

Type test

Confirmatie van neurosyfilis, congenitale syfilis of syfilitische ulcers

Info

 

1. Beschrijving van de tests  
Confirmatie van congenitale syfilis, neurosyfilis en aanwezigheid van T. pallidum in ulcers door middel van real-time PCR en/of IgM detectie.
 
2. Doel van de tests
Bevestiging van de diagnose voor klinische- en surveillance doeleinden.
 
3. Criteria voor het uitvoeren van deze test
·        Bij vermoeden van neurosyfilis en aanwezigheid van anti-treponemale antistoffen in het serum, ongeacht het RPR resultaat, wordt een TPPA test uitgevoerd op het lumbaal vocht. Enkel indien het lumbaal vocht een positief TPPA resultaat geeft, wordt bijkomend een RPR test uitgevoerd.
·        Bij vermoeden van congenitale syfilis, met aanwezigheid van anti-treponemale antistoffen in het serum van de moeder, wordt een IgM LIA bepaling uitgevoerd op het serum van moeder en kind.
·        Op stalen van syfilitische ulcers wordt een real-time PCR uitgevoerd.
 
4. Instructies voor stalen
Staalafname
De volgende stalen moeten afgenomen worden:
·         Bij vermoeden van neurosyfilis: cerebrospinaal vocht.
·         Bij vermoeden van congenitale syfilis: serum/plasma van de moeder EN serum/plasma van het kind.
·         Bij aanwezigheid van ulcers: stalen van ulcer met behulp van een droge synthetische swab.
·         Neem contact op met het NRC voor ander materiaal.
Volume
·         Droge swabs: een droge synthetische swab in een gesloten container
·         Bloed (serum/plasma): min 50 µL
·         Cerebrospinaal vocht: min 200 µL
·         Ander materiaal: neem contact op met het NRC voor ander materiaal.
Zorg ervoor dat alle stalen worden aangeduid met een uniek nummer en dat het overeenkomstige aanvraagformulier is ingesloten bij de verzending.
 
Bewaarcondities
  • Indien mogelijk, moeten stalen onmiddellijk verzonden worden naar het ITG.
  • Droge swabs, cerebrospinaal vocht en serum/plasma kunnen bewaard worden bij 2-8°C voor maximum 4 dagen.
  • Indien de stalen voor een langere periode bewaard moeten worden kan dit op -18°C.
 
5. Instructies voor het transport 
A. Transportcondities
Alle stalen moeten worden vervoerd volgens geldende voorschriften (zie de brief van WIV-ISP van 30/11/2011 - https://www.wiv-isp.be/QML/what_is_new/envoi_echantillon/62-11_circ_monstertransport.pdf). Alle stalen moeten goed sluiten om lekken te voorkomen. Verpak het staal in een transportcontainer met vochtabsorberend materiaal en verpak het daarna in een beschermende envelop of een doosje. Alleen de verpakking met de volgende code kan gebruikt worden: 
 UN3373Def.jpg
 
 
 
 
 
 
 
 
·         Indien mogelijk wordt aangeraden om alle stalen onmiddellijk na afname te versturen.
·         Binnen de 4 dagen van afname worden de stalen verstuurd op kamer temperatuur.
·         Indien de stalen bewaard werden op -18°C (>4 dagen na afname) moeten de stalen bevroren verzonden worden (gebruikmakende van droog ijs).
·         Neem contact op met het NRC voor ander materiaal.
 
Alle stalen moeten samen met het respectievelijke aanvraagformulier opgestuurd worden naar het Instituut voor Tropische Geneeskunde, Nationaal Referentie Centrum voor soa. 
 
B. Specificatie van transportmedium
Geen transportmedium is vereist
  
6. Onaanvaardbare aanvragen
·       Swabs met houten of metalen schachten, of met katoenen tip zullen afgewezen worden
·       Alle monsters moeten correct bewaard en naar het ITG verzonden worden volgens de hierboven beschreven richtlijnen.
 
7. Turn around time
De bevestiging van de diagnose en identificatie van T. pallidum zijn binnen de 7 werkdagen gekend.
 
8. Rapportering van testresultaten
Rapportering zal binnen 7 werkdagen verstuurd worden.
  

Bijlagen

Inhoudstype: Item
Versie: 13.0
Gemaakt om 10-12-2012 13:47 door Muyldermans, Gaetan
Laatst gewijzigd op 14-6-2021 13:38 door Klamer, Sofieke